Kort antwoord

Valsheid in geschrifte is een vals stuk aanmaken, of de gedachte die een geschrift of een andere duurzame drager weergeeft vervalsen, met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden, als dat stuk in verband met een juridisch relevant feit iets kan bewijzen (art. 451 nieuw Strafwetboek). Ook het gebruik van zo’n vals stuk is strafbaar. Beide vallen onder niveau 3.

De wet beperkt zich niet tot papier: naast het geschrift noemt ze “enige andere duurzame drager”. Ook een digitaal stuk, zoals een pdf of een e-mail, kan daaronder vallen.

Er moet bedrieglijk opzet of het oogmerk om te schaden zijn. Een onschuldige fout is geen valsheid.

Bent u zelf slachtoffer? Bewaar de originele stukken, dien klacht in en laat nagaan of een vervalst document gevolgen heeft, zoals een contract of schuld op uw naam. Lees hoe u te werk gaat.

Wat zegt de wet?

FeitStrafniveauWat betekent dat?
Valsheid in geschriften of op andere duurzame dragers (art. 451, § 1, nieuw Strafwetboek)Niveau 3gevangenisstraf van meer dan drie tot vijf jaar; bij verzachtende omstandigheden een straf van niveau 2 of 1
Gebruik van valse stukken (art. 451, § 2)Niveau 3hetzelfde niveau als de vervalsing zelf

Wie vóór elk gebruik en elke vervolging de overheid inlicht, blijft bij valse munten, zegels of betaalkaarten straffeloos (art. 450); voor valsheid in geschriften bestaat zo’n regel niet. Werd het stuk vóór 1 september 2026 vervalst of gebruikt, dan past de rechter de voor de dader gunstigste wet toe (art. 2). Hoe zwaar elk niveau weegt, staat bij de indeling in strafniveaus.

Verwant: oplichting, misbruik van vertrouwen en sociale en fiscale fraude.

Wat bestraft de wet precies?

Art. 451 bevat twee misdrijven. Het eerste is de vervalsing zelf, het tweede het gebruik van het valse stuk. Wie een vervalst stuk gebruikt, kan daarvoor vervolgd worden, ook als iemand anders het opstelde.

  • Een geschrift of een andere duurzame drager: de wet zet naast het geschrift “enige andere duurzame drager”, zonder dat begrip verder te omschrijven. Ze is dus niet tot papier beperkt.
  • Twee manieren van vervalsen: een vals stuk produceren, of de uiting van een gedachte in een bestaand stuk vervalsen.
  • Het stuk kan tot bewijs dienen: in samenhang met een feit dat juridisch van belang is. Een stuk dat niets kan bewijzen, valt er niet onder.
  • Bedrieglijk opzet of oogmerk om te schaden: de wet vraagt het een of het ander, niet beide. Art. 451 noemt geen voordeel en geen schade die al moet zijn ingetreden.

Valsheid, oplichting of informaticabedrog?

  • Oplichting (art. 479): daar draait het om het misleiden van een persoon, door zich een andere naam of hoedanigheid toe te eigenen of door listige kunstgrepen, om een onrechtmatig economisch voordeel te verwerven. Een vals stuk is daarvoor niet nodig. Zie oplichting.
  • Informaticabedrog (art. 488): daar worden gegevens in een informaticasysteem ingevoerd, gewijzigd of gewist om zo’n voordeel te verwerven. Bij valsheid gaat het om een stuk dat iets kan bewijzen, op papier of op een andere drager.
  • Meer misdrijven tegelijk: wordt een vervalst document gebruikt om iemand te bedriegen, dan kan hetzelfde feit onder meer omschrijvingen vallen. De rechter legt de hoofdstraf dan op binnen het hoogste van die niveaus; bijkomende straffen kunnen samen worden opgelegd (art. 61).

Identiteitsdocumenten, betaalkaarten en een valse naam

Naast art. 451 bestaan enkele aparte misdrijven met een eigen niveau:

  • Overdracht van een reis- of identiteitsdocument (art. 453, niveau 1): met bedrieglijk opzet of om te schaden een paspoort, een identiteitskaart of een gelijkwaardig document gebruiken, aan een ander bezorgen of van een ander krijgen, ook de formulieren voor de afgifte ervan.
  • Een intrekking niet naleven (art. 454, niveau 1): opzettelijk geen gevolg geven aan een beslissing van de overheid die een paspoort of identiteitskaart intrekt, binnen de gestelde termijn.
  • Betaalkaarten (art. 434 en 435, niveau 2): niet-contante betaalinstrumenten namaken of vervalsen, of valse exemplaren gebruiken.
  • Een naam aannemen (art. 462, niveau 1): met bedrieglijk opzet in het openbaar een naam voeren die u niet toekomt.

Het oude Strafwetboek had voor informaticavalsheid een eigen artikel: valsheid door gegevens in een informaticasysteem in te voeren, te wijzigen of te wissen, waardoor hun juridische draagwijdte veranderde (oud art. 210bis). Voor feiten van vóór 1 september 2026 geldt de regeling die voor de dader het gunstigst is (art. 2).

Een stuk van een overheid, een authentieke akte of een vervalsing door iemand met een openbare functie verandert het niveau niet; de rechter houdt er wel rekening mee bij de straf (art. 452).

Hoe verloopt een zaak over valsheid?

  1. Het stuk ter griffieHet betwiste stuk wordt op de griffie neergelegd; de griffier parafeert elke bladzijde en beschrijft in een proces-verbaal in welke staat het zich bevindt (art. 448 Wetboek van strafvordering).
  2. VergelijkenEchte stukken kunnen als vergelijkingsmateriaal dienen, onderhandse geschriften alleen als de betrokken partijen ze erkennen (art. 453 en 456). Van de verdachte kan een geschreven stuk of een schrijfproef gevraagd worden; een weigering wordt in het proces-verbaal genoteerd (art. 461).
  3. Verhoor en afloopVóór het verhoor kunt u een advocaat raadplegen; zie uitnodiging voor verhoor. Daarna kan het parket seponeren, een schikking of bemiddeling voorstellen, of de zaak voor de rechter brengen. Verklaart de rechter een authentieke akte vals, dan beveelt hij ze te herstellen, door te halen of te verbeteren (art. 463).

Welke verdediging is mogelijk?

  • er was bedrieglijk opzet noch oogmerk om te schaden
  • het stuk kon over geen enkel juridisch relevant feit iets bewijzen
  • bij gebruik: u wist niet dat het stuk vals was
  • verjaring van de feiten

Wat doet u best, en wat niet?

Doe dit wel

  • Bewaar de originele documenten en uw briefwisseling.
  • Vraag advies vóór uw verhoor.

Doe dit liever niet

  • Documenten wijzigen of vernietigen.
  • Verklaringen afleggen zonder het dossier te kennen.

Hoe helpt Mr. Van Oyen u als verdachte?

  • Hij analyseert de stukken en het opzet.
  • Hij vraagt waar nodig een tegenexpertise.
  • Hij staat u bij voor de raadkamer en de correctionele rechtbank.
Voor slachtoffers

Slachtoffer van valsheid in geschrifte: wat doet u?

Valsheid komt soms pas later aan het licht: een aanmaning voor een lening die u nooit afsloot, een contract met een handtekening die niet de uwe is, of een vals attest in een dossier. Dan tellen vooral twee dingen: het stuk veiligstellen en verhinderen dat het nog gebruikt wordt.

  1. Bewaar het stuk zoals het u bereikteHoud originelen en enveloppen bij en geef ze niet uit handen. Gaat het om een pdf, een mail of een scan, bewaar dan het bestand zelf en niet alleen een afdruk: ook een digitaal stuk kan een “andere duurzame drager” zijn in de zin van de wet.
  2. Zoek uit waar het stuk opdookBij welke bank, firma of overheidsdienst werd het voorgelegd, en door wie? Wie een vals stuk gebruikt met bedrieglijk opzet of om te schaden, pleegt een afzonderlijk misdrijf, ook als hij het niet zelf vervalste (art. 451, § 2).
  3. Beperk de gevolgenVerwittig uw bank, de betrokken firma’s of instellingen. Werd uw identiteitskaart misbruikt, meld het dan via DOC STOP (00800 2123 2123) en bij uw gemeente.
  4. Dien klacht in en voeg vergelijkingsmateriaal toeGa daarvoor naar de politie of richt uw klacht aan de procureur des Konings. Als benadeelde persoon mag u documenten aan het dossier laten toevoegen: stukken met uw echte handtekening helpen bij een schriftvergelijking.
  5. Vraag vergoeding als burgerlijke partijEen schadevergoeding legt de strafrechter alleen op ten gunste van een burgerlijke partij. U kunt die stap zetten bij de onderzoeksrechter of later voor de rechtbank, zolang de debatten niet gesloten zijn.

Moet het altijd via een strafzaak?

Nee. Wordt u voor de burgerlijke rechter aangesproken op basis van een stuk dat u niet opstelde of ondertekende, dan kunt u in die procedure zelf de valsheid aanvoeren of een schriftonderzoek vragen (art. 883 en 895 Gerechtelijk Wetboek). Komt het tot een strafvervolging over de valsheid, dan ligt het burgerlijke geding stil tot daarover beslist is (art. 460 Wetboek van strafvordering). Een klacht blijft ook mogelijk als het stuk al de basis vormde van een vonnis of een andere akte (art. 451 Wetboek van strafvordering).

Wordt in een strafzaak een stuk ingebracht dat u vals acht, dan moet wie het inbracht verklaren of hij het blijft gebruiken. Zwijgt hij acht dagen of ziet hij ervan af, dan blijft het stuk buiten de zaak; houdt hij eraan vast, dan beslist de rechter eerst over de valsheid (art. 458 en 459). Ging het om een vergissing zonder bedrieglijk opzet of oogmerk om te schaden, zoals een verkeerd bedrag op een factuur, dan is er geen valsheid in strafrechtelijke zin en volstaat een burgerlijke rechtzetting.

Voorbeelden van nadelen die u kunt aanvoeren

De rechter weegt elke post af tegen de stukken die u voorlegt. Denk bijvoorbeeld aan:

  • bedragen die u door het valse stuk betaalde of verloor
  • de kosten om registraties of betalingen te laten rechtzetten
  • morele schade door de onzekerheid en de rompslomp
  • de rechtsplegingsvergoeding die de rechter bij een veroordeling toekent

Steun en informatie

Identiteitsfraude of een vervalste handtekening kan veel onrust geven. Slachtofferhulp van het CAW biedt een luisterend oor, en de justitieassistent voor slachtofferonthaal licht toe waar uw dossier staat. Wat u als slachtoffer verder kunt doen, leest u in de algemene uitleg voor slachtoffers.

Doe dit wel

  • Noteer wie toegang had tot uw documenten of handtekening.
  • Vraag tijdig advies voor u iets tekent of betaalt.

Doe dit liever niet

  • Een betwiste schuld betalen zonder advies.
  • Originele stukken afgeven zonder kopie.
  • Zelf de vermoedelijke vervalser confronteren.

Hoe helpt Mr. Van Oyen u als slachtoffer?

Mr. Van Oyen kan het betwiste stuk naast uw echte handtekeningen en documenten leggen, de klacht opstellen en zowel de strafzaak als een burgerlijke betwisting opvolgen.

Wat kost het?

Een vervalst stuk op uw naam of een verdenking tegen u: Mr. Van Oyen rekent voor het eerste gesprek niets aan. Wat het ereloon is en wanneer een rechtsbijstandsverzekering of pro deo helpt, staat op de pagina ereloon en kostprijs.

Meer over de tarieven →

Veelgestelde vragen

Is een valse handtekening altijd valsheid?

Niet altijd. Er moet bedrieglijk opzet of het oogmerk om te schaden zijn, en het stuk moet iets kunnen bewijzen over een juridisch relevant feit (art. 451).

Geldt dit ook voor digitale documenten?

De wet spreekt, naast het geschrift, van “enige andere duurzame drager” (art. 451), zonder dat begrip verder te omschrijven. Een pdf, een e-mail of een ander digitaal bestand kan zo’n drager zijn; of dat in een concreet geval zo is, beoordeelt de rechter.

Wat is het verschil met oplichting?

Bij oplichting wordt een persoon misleid om een onrechtmatig voordeel te verwerven (art. 479). Valsheid gaat over een stuk dat iets kan bewijzen en dat vervalst of gebruikt wordt (art. 451). Hetzelfde feit kan onder beide vallen; de hoofdstraf ligt dan binnen het hoogste niveau (art. 61).

Kan een bedrijf ook vervolgd worden?

Ja. Een rechtspersoon is strafrechtelijk verantwoordelijk voor misdrijven die verband houden met zijn voorwerp of belangen, of die voor zijn rekening werden gepleegd. De bestuurders of werknemers die de feiten pleegden, kunnen daarnaast zelf vervolgd worden (art. 18).

Iemand sloot een lening af op mijn naam. Wat nu?

Dien klacht in, verwittig de kredietgever schriftelijk en vraag uw gegevens op bij de Centrale voor kredieten aan particulieren van de Nationale Bank.

Moet ik een vervalst contract nakomen?

Een contract dat u niet zelf ondertekende, bindt u in principe niet. Betwist het schriftelijk en laat u bijstaan.

Hoe wordt bewezen dat een handtekening vals is?

Onder meer door het stuk te vergelijken met echte stukken (art. 453 en 456 Wetboek van strafvordering). Van de verdachte kan een schrijfproef gevraagd worden (art. 461). De procureur des Konings kan zich daarbij zo nodig laten bijstaan door iemand die door zijn kunde of beroep de feiten kan beoordelen (art. 43).

Lees ook

⚖️ Deze pagina bevat algemene informatie en vormt geen juridisch advies. Elke situatie is anders. Neem contact op voor advies over uw dossier.

Verdacht van valsheid? Laat uw dossier nakijken.

Mr. Jonas Van Oyen · kantoor in Gistel · bijstand in Oostende, Brugge en omstreken

☏ 0479 32 95 19 ✉ Stel uw vraag